Bezwaar tegen sloop                                                                             19 april 2005    

SLOOTDORP - Raadslid van Progressief Wieringermeer én Brink
Slootdorper Arjen Voogt heeft bezwaar aangetekend tegen de sloop van de veertig woningen aan de Brink. Dit omdat volgens hem door de gemeente is verzuimd om een sloopvergunning af te geven voor de woning op nummer 27. Waardoor nu een blokje van vier huizen blijft staan te midden den van de nieuwbouw.
„Het instandhouden van de woning Brink 27 betekent dat de nieuwbouw aan de oostzijde van de Brink in aantal wordt gereduceerd van twintig naar zestien woningen, waardoor de rentabiliteit afneemt", stelt Voogt in zijn bezwaarschrift aan het college van Wieringermeer. „Daarnaast zal de infrastructuur niet optimaal ontwikkeld kunnen worden, mede omdat bij genoemde woningen een garage hoort."

Volgens het immer goed gedocumenteerde raadslid wordt de uitstraling van de nieuwbouw nu tenietgedaan door de aanwezigheid van een woning die door de Wooncompagnie ah 'verouderd' werd gekarakteriseerd. „Binnen het enkele jaren geleden ingezette traject van herstructurering was de sloop van de woningen aan de Brink 3 tot en met 49 een belangrijk onderdeel. Door nieuwbouw zou Slootdorp meer allure krijgen. Reden voor hem om bezwaar te maken door het beperken van het aantal op deze locatie te slopen woningen.

Voogt heeft naar eigen zeggen informatie ingewonnen bij de eigenaren van de woning, de familie Zandstra die inmiddels naar een koopwoning in Wieringerwerf verhuisd is. Waaruit naar voren is gekomen dat eerst een onteigeningsprocedure werd aangekondigd, gevolgd door een wijziging van beleid géén onteigeningsprocedure te volgen. Waarna van aankoop en sloop niet langer sprake kon zijn.

De Wooncompagnie zegt niet bekend te zijn met het bezwaar van Voogt. Voorlichter M. van Daalen bevestigt wel dat er voor nummer 27 in principe nu geen sloopvergunning is aangevraagd. En dat dit impliceert dat een blokje van vier huizen vooralsnog buiten de sloop blijft. Verder wil de corporatie er weinig over kwijt. „We zijn nog in gesprek met die meneer. Daar willen we op een nette manier mee omgaan."

Voogt op zijn beurt vindt dat het zwalkende beleid van de corporatie niet geaccepteerd kan worden. Daarom verzoekt hij het college ervoor te zorgen dat de impasse rond deze kwesstie wordt doorbroken.

bron Schager Courant